Informatie voor verwijzers

Lichaamsgericht werken leestijd 3 minuten

Het doel van deze pagina is om u als verwijzer, te informeren over de werkwijze en onderliggende werkhypothesen bij patiënten met chronische pijnklachten, SOLK en angst

Werkwijze: lichaamsgericht werken

Lichaamsgericht werken betekent kort gezegd : de patiënt "leren luisteren naar de signalen van zijn/haar lichaam". Het uitgangspunt daarbij is: 'ieder signaal vertelt een verhaal", maar dit is slechts het begin.
 
Lichaamsgerichte benaderingen gebruiken het lichaam van de patiënt als aangrijpingspunt in een sessie.
Doel is om de patiënt de wisselwerking te laten ervaren die er tussen fysieke gevoelens, emotionele gevoelens, cognities, verlangens en de situatie waarin je je bevindt bestaat.

Lichaamsgericht werken leidt via de fysieke weg naar zelfbewustzijn. En zelfbewustzijn is nodig om te ontdekken of de huidige perceptie, attributie, gedachten en gedrag realistisch is, of dat het om een verandering vraagt.

Doelen bij lichaamsgericht werken *

Het doel van de hier gegeven lichaamsgerichte therapie is:
1.
Het kalmeren van het CZS  (stress-reductie)
2.
Het nastreven van een corticale reorganisatie bij de patiënt (senso-motorische integratie) en
3. Het l
eren oefenen in zelfsturing in moeilijke situaties.

Manieren van lichaamsgericht werken

Er zijn wel honderd verschillende vormen van lichaamsgerichte benaderingen. Grofweg onderscheid ik drie manieren:

a. door aanraking:  
massage,
druk op weefsel,
trek aan weefsel,
manipulatie e.d.

b. door bewegen: 
actieve oefeningen door de cliënt uitgevoerd,
passieve bewegingen door de therapeut uitgevoerd,

c. door middel van verbale begeleiding de aandacht richten op fysiek waarneembare processen:
de ademhaling,
ontspanning,
de hartslag

Door de patiënt te leren focussen op het lichaam en de patiënt te laten beschrijven wat hij/zij waarneemt ontwijken we de valkuil van praten, eindeloze redenaties en geklets. Het brengt de patiënt in het hier en nu.

Welke klachten zijn geschikt voor lichaamsgerichte therapie?

Ik zie in mijn praktijk vooral veel mensen met chronische klachten. De ene verwijzers noemt die klachten Functionele Somatische Stoornissen, de andere noemt ze SOLK. Ik kan nog wel 10 andere synoniemen hiervoor vinden, maar ik hecht weinig waarde aan deze 'diagnoses', omdat ze - behalve een naam - geen permanente oplossing bieden voor de bestaande klacht.

De groep patiënten* met chronische en recidiverende pijn blijkt ook geen homogene groep. Dat blijkt al uit de diversiteit aan diagnoses** die gesteld worden in deze populatie.
Dat maakt wetenschappelijk onderzoek naar- en een protocollaire aanpak van patiënten met deze klachten moeilijk; 90%-95% van alle pijn is a-specifiek van aard.
Daarnaast zijn er visieverschillen: de ene behandelaar gaat uit van de overeenkomsten tussen verschillende ziektebeelden en de ander gaat in op de verschillen***.

Omdat er geen duidelijk oorzakelijk substraat aantoonbaar is voor deze klachten, is een protocollaire behandeling of protocollair advies (b.v. oefeningen) m.i. niet te geven!
De aanpak van chronische en recidiverende pijnklachten behoeft maatwerk, startend vanuit patroonherkenning door de behandelaar (de klinische blik). De aanpak is, in samenspraak met de patiënt, gericht op wat dit individu vraagt en nodig heeft.

* Afhankelijk van de doelstelling en de mate van eigen inbreng spreek ik van patiënt, cliënt of student. Analoog kun je dan spreken van lichaamsgerichte therapie, lichaamsgerichte coaching en lichaamsgerichte scholing.


* * Diagnostische terminologie:
Stress gerelateerde klachten,

functionele klachten,
a-specifieke klachten,
somatisch onverklaarde lichamelijke klachten (SOLK, OLK, MOK, OK),
psycho-somatische klachten,
prikkelbare dikke darmsyndroom,
conversie,
hyperventilatie,
fibromyalgie,
surmenage,
uitputting,
burn-out,
overspanning,
hypervigilantie etc.

*** SOLK: op een hoop gooien of splitsen, Jan Verhoeven: https://condite.nl/artikelen_post/solk-op-een-hoop-gooien-of-splitsen/

Lichaamsgericht: inclusie- en exclusie criteria

Vanuit de psychosomatische fysiotherapie gebruiken we verschillende vragenlijsten om de mate van complexiteit van de klacht in kaart te brengen en om te weten of de patiënt mono- of multidisciplinair behandeld moet worden. In de praktijk bleken deze vragenlijsten voor mij onwerkbaar en weinig zeggend.

In de afgelopen jaren heb ik zelf een aantal persoonskenmerken gedetecteerd. Wanneer ik deze bij de patiënt herkende, zag ik dat de kans op succes aanzienlijk toenam. Ik gebruik ze nu als inclusiecriteria. Deze persoonskenmerken zijn: Nieuwsgierigheid, Openheid, Moed, Geduld, Acceptatie en Zelf-liefde.

De populatie in mijn praktijk bestaat vooral uit hoog-sensitieve mannen en vrouwen in de leeftijd van 27-57 jaar met chronische klachten.  Het zijn mensen die nog de mogelijkheid hebben om nieuwsgierig en open te zijn naar zichzelf en zijn/haar klachten.

Deze staan in schril contrast met met persoonskenmerken als: Perfectionisme, Moet-isme, Ongeduld, Starheid, Koppigheid (vast houden aan verklaringen i.p.v. te switchen naar de beleefde ervaringen). Ten grondslag hieraan ligt m.i. een dieper liggend ongeloof in eigen waarde, goedheid, en eigen kunnen.
Wanneer de klacht zo bedreigend is dat de patiënt slechts een oplossing of medische erkenning wil voor zijn/haar probleem, zonder zijn/haar eigen aandeel hierin te betrekken, dan is een multi-disciplinaire behandeling zinvoller.

Werkhypothese: lichaam en geest kun je niet scheiden

Ik ga er van uit dat je lichaam, geest, zingeving, emoties, sociale context en spiritualiteit wel kunt onderscheiden in een mens, maar je kan ze niet als op zichzelf staande entiteiten benaderen.

De strikte scheiding tussen lichaam en geest is m.i achterhaald. Het bio-psycho-sociale model, maar ook in het model van positieve gezondheid van Machteld Huber zijn integratieve modellen die de realiteit veel meer recht doen. Met deze visie in het achterhoofd richt ik mij in een sessie in eerste instantie vooral op het lichaam, op het lijf.

De patiënt in de spreekkamer, komt met een verhaal. Aanvankelijk lijkt dat vaak een logisch verhaal, maar bij dieper doorvragen verwaterd het verhaal regelmatig tot het beschrijven van ervaringen met een  onsamenhangend en onlogisch karakter.  Daaronder tref ik dan een hele wereld aan van beperkende overtuigingen die hun wortels hebben in een ver verleden.
Ik sta nog steeds regelmatig versteld hoe iemand totaal vervreemd kan zijn van zijn/haar lichaamsgevoel en lichaamsbesef.  Patiënten die bij aanvang aangeven 'niets' te voelen of ervaren. Patiënten die door gaan met overbelasten van hun lijf en dan roepen 'dat moet toch kunnen'.

Wanneer de patiënt zichzelf, zijn klacht en hoe hij/zij daar mee omgaat leert herkennen kan deze er voor kiezen om alternatieven te proberen. 

Theoretisch verklaringsmodel

artikel 1: Pijn, angst en overige chronische klachten begrepen vanuit de polyvagaal theorie van Porges
(opent in een apart venster, ongeveer 4 minuten leestijd)

artikel 2: Fases in de behandeling, uitvloeisel van de theorie van Porges voor de behandeling: Trauma

* Lichaamsgericht werken op drie niveau's (doelen)

Pijler 1: psychosomatische (fysio)therapie (klachtreductie)

Hoofddoel: Herstel van balans.
Vergroten van het zelfsturend vermogen van de patiënt waardoor deze in staat is om zelf de balans tussen draagkracht en draaglast te reguleren.

  • De patiënt is zich bewust van zijn/haar lichamelijke verschijnselen en kan die op een Mindfulle manier, oordeelloos accepteren
  • Ondanks deze, voor de patiënt negatieve belevingen, is deze in staat tot het uitvoeren van eenvoudige oefeningen in aandacht en ontspanning
  • De patiënt is in staat om zichzelf te kalmeren en dit in verloop van tijd te verdiepen tot diepe ontspanning
  • De patiënt is zich bewust van de relatie tussen zijn/haar lichamelijke verschijnselen en zijn/haar ziektecognities en ziekteperceptie
  • De patiënt is zich bewust van de relatie tussen zijn/haar lichamelijke verschijnselen en zijn/haar ziektecognities en ziekteperceptie en kan daar op interveniëren door zijn/haar gedachten te corrigeren
  • De patiënt is zich bewust van de relatie tussen zijn/haar lichamelijke verschijnselen en zijn/haar persoonsgebonden factoren als perfectionisme, e.d.
  • De patiënt is zich bewust van de relatie tussen zijn/haar lichamelijke verschijnselen en zijn/haar stressvolle situaties b.v,. op werk of in de persoonlijke relatie
De patiënt is zich bewust van de relatie tussen zijn/haar lichamelijke verschijnselen en zijn/haar stressvolle situaties b.v,. op werk of in de persoonlijke relatie en kan stressreacties in zijn lichaam reduceren door het uitvoeren van ontspanningsoefeningen

Pijler 2: vergroten van zelfbewustzijn (meer jezelf zijn)

Hoofddoel: Vergroten van positief zelfbeeld, zelfvertrouwen en zelfcontrole.
In staat zijn om verantwoording te nemen voor eigen gevoelens en belevingen.

  • De cliënt is zich bewust dat zijn/haar lichamelijke verschijnselen te maken hebben met het onderdrukken van onwenselijke gevoelens
  • De cliënt is in staat om onwenselijke gevoelens bewust te onderdrukken
  • De cliënt is in staat om onwenselijke gevoelens bewust meer toe te laten
  • De cliënt is zich bewust dat onwenselijke gevoelens het gevolg zijn van een niet herkend of onderdrukt verlangen
  • De cliënt is zich bewust van de situatie(s) waarin de onderliggende emotionele pijn optrad/optreedt
  • De cliënt is in staat om onderdrukte verlangens toe te laten
  • De cliënt is in staat om de eerder onderdrukte verlangens nu bewust te verwoorden naar derden
  • De cliënt is in staat om pro-actief stappen te zetten in de richting van zijn/haar doel

Pijler 3: positief beïnvloeden van relaties en succes

Hoofddoel: geïnspireerd leven en werken
Uitbouwen van een positief zelfbeeld, zelfvertrouwen en zelfcontrole. In staat zijn om eigen dromen en verlangens vorm te geven in zijn/haar leven. 

  • De cliënt is in staat om gevoelens en verlangens op een geweldloze manier te verwoorden naar derden
  • De cliënt is in staat om in verbinding te blijven met de ander, ondanks heftige gevoelens

Mark ten Seldam

Mark ten Seldam heeft een onorthodoxe aanpak en probeert snel tot de kern van je probleem te komen door actief niet-doen.

Hij begeleidt je zodat je je essentie herkent. Van daar uit kun je zelf ontdekken hoe je vast komt te zitten in oude overlevingspatronen, waarin je eigen verlangens zorgvuldig zijn  weggemoffeld en jij jezelf tekort doet.

Hij laat je ook zien hoe je de ander (vaak ongewild ) van je afstoot, terwijl je juist toenadering zoekt.
Vraag jij je af of deze methode iets voor jouw patiënt is? Bel mij even of vul je vraag in op de contact pagina.

>